Stel je voor: je zit op een kar, een paard voor je, en je moet een dressuurproef rijden. Geen zadel, geen benen tegen de flank, geen directe druk op het bit.
▶Inhoudsopgave
▶Inhoudsopgave
Alleen teugels, stem en een hele dosis vertrouwen. Klinkt anders dan wat je gewend bent? Dat is het ook. Maar het is net zo strak, net zo mooi — en eigenlijk best logisch als je er even over nadenkt.
Wat is mennen eigenlijk?
Mennen is een paardrijdiscipline waarbij je niet op het paard zit, maar op een kar of wagen achter het paard. Je kunt het doen met een enkelspan, maar ook met twee, drie of zelfs vier paarden naast elkaar — dat heet dan tandem of vierspan.
Het rijden zelf bestaat uit vier onderdelen: dressuur, vaardigheid, samengesteld mennen en mendurance. Vandaag kijken we naar dat eerste onderdeel: de dressuurproef. Wat me altijd opvalt bij mensen die voor het eerst naar een menwedstrijd kijken: ze denken dat het minder precies is dan dressuur onder het zadel. Dat klopt niet. De proeven zijn net zo gestructureerd, net zo beoordeeld op techniek en uitvoering — alleen doe je het allemaal vanaf de kar.
De proeven: vergelijkbaar, maar niet hetzelfde
Bij rijdende dressuur ken je de gangen B, L, M, Z en ZZ — van licht tot zwaar.
Die indeling bestaat ook bij mennen. Je kunt dus ook hier een B-proef rijden als beginnende, of een ZZ-proef als je al ver staat. De bouw van de proeven is vergelijkbaar: je rijdt cirkels, voltes, halsstrekkingen, overgangen en halt.
Geen zit, geen benen — dus wat dan wel?
De figuren komen uit dezelfde basis. Maar dan verschilt het.
En dat zit hem in de uitvoering. Bij rijdende dressuur communiceer je via zit, benen, handen en gewicht.
Bij mennen valt een groot deel daar weg. Je zit op een kar, dus je zitdruk werkt niet meer op de rug van het paard. Je benen raken het paard niet meer. Wat overblijft? De teugels, je stem en je lichaamshouding op de kar.
De beoordeling: waar let de jurk op?
Dat betekent dat je veel bewuster moet zijn over hoe je de teugels houdt en hoe je je gewicht verplaatst in de wagen. Eerlijk gezegd vind ik dat een van de mooiste kanten van mennen.
Je wordt gedwongen om echt te luisteren naar je paard, in plaats van te vertrouwen op fysieke hulpen. Het is een andere manier van connectie — en die werkt verrassend goed als je het onder de knie hebt. De jurk beoordeelt dezelfde dingen als bij rijdende dressuur: rust, regelmaat, souplesse, aanleuning, halsstrekking en de correctheid van de figuren.
Maar er komt bij: de lijn van de teugels, de stuurtechniek van de menner, en hoe vloeiend de wagen volgt.
Een scherpe bocht met een kar ziet er anders uit dan een scherpe bocht op een paard — en de jurk houdt daar rekening mee. Bij Stal de Hei en de Twentse Rijvereniging zien we dat ze daar goed aandacht voor hebben in de voorbereiding. De protocollen van de KNHS leggen het uit, maar het verschil zit hem in de toepassing. Een goede instructeur die ervaring heeft met mennen, helpt je daar echt mee.
Waar beginnen als je het wilt proberen?
Introductielessen zonder eigen paard zijn vaak veiliger en effectiever voor beginners — en dat geldt zeker bij mennen.
Je hebt namelijk niet alleen het paard te leren begrijpen, maar ook de wagen, de teugels en de balans van het geheel. Begin bij een manege die ervaring heeft met menwerk, zoals Manege Bakker, die een bewezen lesmethode heeft voor starters, inclusief longeerwerk om vertrouwen op te bouwen. Wat ik zelf merk: mensen die eerst wat ervaring hebben op het paard, sneller doorhebben wat er nodig is bij het verschil tussen een paar mennen en tandem.
Niet omdat je het één moet kunnen om het ander te doen, maar omdat je dan al een gevoel hebt voor tempo, rust en aanleuning. Die dingen zijn universeel — of je nu op het paard zit of op een kar.
Goede uitrusting maakt het verschil
Een goed zadel en passend hoofdstel voorkomen rugproblemen bij recreatiepaarden — en bij mennen geldt dat ook.
Maar dan aan de andere kant: het tuig van het paard én de wagen moeten kloppen. Een slecht passende borg, een te kort afgesneden teugel, of een wagen die scheef loopt — het beïnvloedt alles.
Bij Eskes Paardensport en HS Paardensport zie je dat ze daar scherp op letten, en terecht. De eerste meters op de hei — of eigenlijk: de eerste meters in de wedstrijdarena — vereisen ademhaling en zit, niet beenhulpen. Dat geldt dubbel bij mennen. Want als je nerveus bent, voelt het paard dat door de teugels.
Conclusie: anders, maar niet minder
En dan heb je een probleem. Als je wilt deelnemen aan een menwedstrijd, zul je merken dat dressuurproeven geen vereenvoudigde versie van rijdende dressuur zijn.
Het is een eigen discipline met eigen uitvoering, maar dezelfde kern: harmonie tussen mens en paard, precisie in de figuren en respect voor het dier dat voor je loopt. Als je het nog niet geprobeerd hebt, durf dan het aan. Je zult versteld staan hoeveel je er van leert — over paarden, en over jezelf als menner.